RANDSTEDELIJK MANNENKOOR VEROVERT CONCERTPUBLIEK IN PERNIS
PERNIS-Het publiek stond
weliswaar vrijdagavond, na afloop van het voorjaarsconcert van Het Randstedelijk
Mannenkoor (HRM) niet op de kerkbanken, maar liet wel duidelijk merken volop
genoten te hebben. De randstedelijke mannen maakten in de goed gevulde Hervormde
Kerk hun faam meer dan waar. Het lijkt niet overdreven om te stellen, dat zij
nu ook in Pernis kunnen bogen op een flinke schare aanhangers.
Dirigent Arjan Breukhoven en 'zijn' zangers waren door insiders van te voren
gewaarschuwd: "Het publiek in Pernis is kritisch. Jullie zullen erg je
best moeten doen om het te kunnen overtuigen." Aanvankelijk ging dat ook
enigszins moeizaam. Bij de eerste serie (geestelijke) liederen kwamen de aandachtig
luisterende bezoekers nauwelijks uit de plooi. Zelfs het applaus kwam aarzelend
op gang. Toch stond bijvoorbeeld 'Tebe Pojem', een Russische bede om vrede,
als een huis en mocht de vertolking van Áll hail the power of Jesus name'
er in alle opzichten ook zijn. Het publiek nam echter meer tijd om veroverd
te worden. Na het bekende 'Panis Angelicus', met een mooie baritonsolo van Mattijs
van Woerd, gebeurde dat met twee oud Hollandse liederen. 'Ferme jongens, stoere
knapen' en 'Op de grote stille heide' braken definitief de ban. De door Arjan
Breukhoven bewerkte bekende en door de mannen enthousiast gezongen melodieën
deden de vonk overspringen. Hetgeen niet alleen van de gezichten kon worden
afgelezen, maar eveneens merkbaar was aan de duur en de intensiteit van het
applaus. Met de oud Hollandse liederen had het koor nog lang niet zijn al zijn
kruit verschoten. Immers, liederen als 'Frieden' (indrukwekkend) van G. Fischer,
'O Isis und Osiris'(met gevoel gezongen) van Mozart en 'Sailing'(spanning in
het lied mooi opgebouwd) volgden.
Zes handen op één
piano.
Tussen de koorbedrijven door leverden organist Martin Mans, panfluitiste Liselotte
Rokyta en bariton Mattijs van Woerd hun professionele en luisterrijke aandelen
in het concert. Bij pianist Marco den Toom was de begeleiding van het koor in
goede handen. Een aardig intermezzo vormde de vertolking van 'Peterburger Schlittenfahrt
door Breukhoven, Mans en den Toom op één piano. Met zes handen
op één klavier wisten zij er iets bijzonders van te maken.
Na bijna twee uur mooie muziek had het koor het laatste woord met 'Landererkennung'
van E. Grieg en 'Zur guten Nacht' van F. Schubert. Ook in die slotakkoorden
bewees HRM in zijn driejarig bestaan een enorme ontwikkeling te hebben doorgemaakt.
De tot de laatste tonen geboeid luisterende concertgangers beloonden de performance
van het koor en de solisten met een langdurig en daverend applaus. De eerste
kennismaking van HRM met Pernis was beide partijen duidelijk goed bevallen.
| » HOME « | ||